Pasen in pastel: kleurideeën voor een vrolijke tafel
Zachte kleuren en simpele patronen voor papieren paaseieren.

Maak je eigen pastelpalet
Gebruik lichte druk met roze, geel, blauw en groen. Je hebt niet per se speciale pastelpotloden nodig: een lichte laag laat het witte papier meewerken. Test de kleuren eerst naast elkaar. Wissel een effen vak af met stippen of strepen.
Versier papieren eieren
Teken een eivorm op papier en verdeel die in brede banen. Kleur iedere baan met een ander patroon. Knip de vormen samen uit en gebruik ze als naamkaartjes of platte tafeldecoratie. Kleine kinderen hebben begeleiding nodig bij het knippen.
Hergebruik wat je hebt
Restjes papier en een gewone doos potloden zijn voldoende. Een gevouwen kaart met een ei op de voorkant is ook een eenvoudig cadeautje. Bewaar decoraties schoon en droog als je ze volgend jaar weer wilt gebruiken. Houd papier uit de buurt van vuur en eten dat het nat kan maken.
Drie patronen op hetzelfde papieren ei
Teken drie ruime eivormen op een vel en kies roze, geel en lichtblauw. Verdeel de eerste vorm in brede banen en geef iedere baan één lichte kleurlaag. Maak op het tweede ei een paar grote stippen; de achtergrond kan wit blijven. Kleur het derde met golvende lijnen die van links naar rechts lopen. Gebruik eerst zachte potloodlijnen als je de indeling wilt uitproberen en voeg donkere details pas later toe. Je hoeft voor Pasen in pastel geen verf of speciale potloden te kopen. Met lichte druk kun je op wit papier al een zacht effect proberen. Vergelijk de drie ontwerpen en kies welke je op een grotere vorm wilt herhalen. Laat een kind dat liever vrij kleurt zijn eigen indeling maken. Een ei met twee kleuren of één groot vlak is ook klaar. Wie graag meer details tekent, kan in één baan een extra patroon toevoegen zonder het hele ei ingewikkelder te maken.
Naamkaartjes en een eenvoudige papieren standaard
Kleur je eivorm voordat je haar uitknipt. Voor een naamkaartje kun je de vorm plat op een dubbelgevouwen kaart plakken, met de naam ernaast of eronder. Wil je een ei rechtop zetten, maak dan van een strook karton een klein gevouwen tentje. Plak het gekleurde ei op de voorkant van dat tentje en test of het stevig blijft staan. Verbreed de onderkant als het kaartje gemakkelijk kantelt. Laat een volwassene helpen bij knippen en laat de lijm goed drogen voordat je de kaartjes op tafel zet. Je hebt geen stokjes, kralen of losse glitter nodig. Maak voor ieder een eigen patroon of gebruik dezelfde kleuren met verschillende indelingen. Leg de kaartjes naast het bord, niet op vochtige etenswaren. Een brede strook wit papier kan dienen als ondergrond waarop je extra eieren tekent. Houd de versiering eenvoudig, zodat er genoeg ruimte blijft voor servies en eten. Bewaar droge kaartjes apart als je ze later weer wilt gebruiken.
Een korte zoektocht met de gekleurde eieren
Maak van een paar papieren eieren een zoekspel voor binnen. Tel samen de vormen en spreek af in welk deel van de kamer ze verstopt mogen worden. Kies plekken waar een kind gemakkelijk bij kan, zonder te klimmen of meubels te verschuiven. Verstop de eieren bijvoorbeeld naast een boekenplank of achter een stevig kussen en laat telkens iemand anders zoeken. Houd een klein lijstje bij als je zeker wilt weten dat alles terugkomt. Voor een buitenvariant kies je een droge, beschutte plek en leg je de vormen niet op nat gras. Blijf erbij en gebruik geen struiken of paden buiten het afgesproken gebied. Haal na afloop alle papieren eieren weer op, ook de exemplaren die lastig te vinden waren. Bij wind of regen blijft het spel binnen. Je kunt de zoektocht afsluiten door de gevonden eieren naast elkaar te leggen en te bekijken welke pastelcombinaties iedereen gebruikte. Daarna gaan de vormen terug in een map of op de paastafel; er hoeft geen winnaar te zijn.


